Skip to main content

Cédric en Bjorn zetten door in Africa Eco Race

Het pad richting Dakar loopt niet over rozen voor Feryn Dakar Sport. Na de opgaves van Pascal Feryn en Kurt Keysers (motorpech) en Koen Wauters en Tom De Leeuw (koprol) zijn Cédric Feryn en Bjorn Burgelman nog de enige overgebleven ‘Ferynisten’ in koers. Met hun loodzware Landcruiser probeerden ze zich op dinsdag een weg door het mulle zand te banen.

Foto's copyright Alessio Corradini

Met frisse moed en met een flinke dosis goesting begonnen Cédric en Bjorn dinsdagochtend aan het rondje met start en aankomst in Aïdzidine. “De eerste honderd kilometer van de etappe werden gereden op zeer zachte zandpaden waar de auto heel hard moest werken om erdoorheen te geraken. Het was vooral moeilijk om in die omstandigheden de vaart erin te houden. Na zo’n 100 km is het vermogen voor een eerste keer weggevallen. We hebben ons aan de kant gezet, Bjorn heeft een kleine herstelling gedaan en een overbrugging aan de elektronica. Nadien kwamen de eerste duinen eraan, waar we eigenlijk goed door zijn gekomen”, zegt Cédric Feryn.

De tweede duinengordel bracht Cédric en Bjorn wel in de problemen. “Het was heel warm. De temperaturen liepen op tot zo’n 45 graden Celcius. Het zand was helemaal niet dragend waardoor we na enkele kilometers vast kwamen te zitten. We zijn dan beginnen scheppen, maar je zakte eigenlijk vrijwel meteen tot aan je knieën in het zand. Telkens we de wagen loskregen zakte hij vier meter verder opnieuw in het zand. De auto was heel zwaar, de duinen waren heel erg mul. We hebben daar lang vertoefd en veel tijd verloren. Na zes keer scheppen bij die temperaturen waren we steendood. We hebben dan even gewacht en het vervolgens nog één keer geprobeerd, met succes. Eens door de duinen keerde het probleem van het vermogensprobleem telkens weer terug en konden we eigenlijk enkel nog in de lage versnellingen tegen 50 à 60 km/u rijden. Net voor de derde duinengordel hebben we de wagen gereset, met succes. Bij een steile afdaling van een duin is de wagen wel even op de neus terechtgekomen, maar meer dan wat blikschade was er niet aan de hand”, zegt Cédric Feryn.

Nadat ook de derde duinenpartij overwonnen werd stak het vermogensprobleem opnieuw de kop op en bleek het onoplosbaar. “Telkens na 10 meter kwam het probleem terug. We moesten de auto afzetten, 10 sec wachten en opnieuw starten. En dat opnieuw en opnieuw en opnieuw en opnieuw. Zo proberen verder te rijden had geen zin. De organisatie heeft ons dan met de bezemwagen uit de woestijn gehaald en naar het bivak gebracht waar het team aan de wagen is beginnen werken”, zeg Cédric Feryn.

De nacht brengt meestal raad, en dat gebeurde ook in het bivak van Aïdzidine. “Na een rit van drie uur op de camion zijn we omstreeks 02.30 u in het bivak aangekomen”, legt Bjorn Burgelman uit. “Eerst werd de schade aan de carrosserie aangepakt waarna de zoektocht naar het elektronisch probleem begon. Nadat de wagen van de vrachtwagen werd geladen startte die gewoon en konden we gewoon rijden. Het probleem had zichzelf opgelost. Had het te maken met de hitte en/of met het stof? We hebben er het raden naar. Het team heeft alles gecheckt en dubbel gecheckt maar heeft eigenlijk niets concreets gevonden. Een ding staat vast, we gaan zo dadelijk vol goede moed van start.” De negende etappe brengt de deelnemers naar het bivak van Ouad Naga. Onderweg wacht hen een uitdagend parcours van 426 km.